Het ervaren van emotie is één van de mooiste eigenschappen van de mens. Het laat je voelen dat je leeft. In de wereld van gepercipieerde vervlakking is voelen dat je leeft niet iedereen dagelijks gegeven.
De media heeft dit ontdekt. Waar je vroeger op reclames nog duidelijk maar onschuldig kon zien dat je beetgenomen werd door een nagesynchroniseerd clown in een glitterpak zie je tegenwoordig bij het irritante af gewone mensen die het "echt" menen en eigenlijk niet eens in de gaten lijken te hebben dat ze door de camera op de buis worden gebracht, zo echt zijn ze. Door in te zoomen op de ogen zie je het traanvocht zelfs al als er eigenlijk niks is om te janken. Wat mooi dat er nog zulke echte mensen zijn. Als deze een appel op je doen dan ga je toch voor de bijl?
BN'ers doen ook mee, met hondstrouwe ogen kijken ze in de camera en gooien al in de eerste minuut een impertinente vraag naar degene die zich in de benadere situatie bevindt. Wat doet deze situatie met jou?
Gegarandeerd dat je getergd dat je bent in combinatie met de spanning van de camera de waterlanders niet meer kan stoppen. Subliem is het als je het als presentator dan ook niet droog kan houden. Ik wacht eigenlijk nog op een show met de naam "kom maar op met de traantjes". Op basis van de werkelijk getoonde emotie wordt bepaald wie geholpen wordt uit zijn of haar hachelijke situatie.
Goh joh, ik vraag jouw naar je gevoelens over de hele situatie en het lijkt net of het je niks doet, wat denk je hoe dat op mij en de rest van Nederland overkomt? Weet er iemand uit het publiek misschien nog een vraag om te kijken of het echt menens is? Krijg je thuis ook nog op je sodemieter omdat je de hele week loopt te janken maar net niet als de camera erbij staat.
Resultaat: heftige emotionele inflatie bij dit soort taferelen. Doe mij maar de oprechtheid van tommy-teleshopping.
maandag 31 augustus 2009
vrijdag 28 augustus 2009
Ontwikkelen tot het onaangenaam wordt
Ontwikkelen is in al zijn betekenissen belangrijk in de westerse wereld, "de zgn ontwikkelde wereld". Het maakt niet of het hier betrekking heeft op economie, maatschappij, technologie, milieu of op een individu.
Onze wereld wordt bijeengehouden door de voorwaarste kracht van ontwikkeling. Ik zie een stramien in ontwikkeling welke gaat van: van willen, naar kunnen en ten slotte naar moeten. De basis voor een nieuwe ontwikkeling ligt in het willen van iets. De "wil" leidt tot de ontwikkeling die het "kunnen" mogelijk maakt. Het nieuwe kunnen staat aan de basis van andere nieuwe autonome ontwikkelingen. Deze kunnen niet zonder het fundament van de voorliggende.
Dit zorgt ervoor dat het nieuwe "kunnen" onlosmakelijk verbonden wordt aan ontwikkelingen die niet direct bij hoeven te dragen aan de oorspronkelijke "wil" waarmee het begonnen was. Kunnen is nu aangevuld met "moeten". De ontwikkeling is aangeland op een punt waarop het onaangenaam kan worden. Een mooie startpunt voor een nieuwe ontwikkeling. Omdat we het willen, kan het, omdat het kan, moet het en omdat het moet willen we wat anders.
Onze wereld wordt bijeengehouden door de voorwaarste kracht van ontwikkeling. Ik zie een stramien in ontwikkeling welke gaat van: van willen, naar kunnen en ten slotte naar moeten. De basis voor een nieuwe ontwikkeling ligt in het willen van iets. De "wil" leidt tot de ontwikkeling die het "kunnen" mogelijk maakt. Het nieuwe kunnen staat aan de basis van andere nieuwe autonome ontwikkelingen. Deze kunnen niet zonder het fundament van de voorliggende.
Dit zorgt ervoor dat het nieuwe "kunnen" onlosmakelijk verbonden wordt aan ontwikkelingen die niet direct bij hoeven te dragen aan de oorspronkelijke "wil" waarmee het begonnen was. Kunnen is nu aangevuld met "moeten". De ontwikkeling is aangeland op een punt waarop het onaangenaam kan worden. Een mooie startpunt voor een nieuwe ontwikkeling. Omdat we het willen, kan het, omdat het kan, moet het en omdat het moet willen we wat anders.
zondag 24 mei 2009
Herrie tegen de stilte
Een van de belangrijkste doelen in het leven is te worden wie je wil zijn. Ik heb de indruk dat dit niet voor iedereen een vanzelfsprekendheid is, zijn wie je echt bent. Er zijn plenty invloeden binnen en buiten jezelf die niet direct bijdragen aan het vinden van je zogenaamde raison d'etre. Ik denk dat incongruentie (ongelijkheid tussen wie je bent en wil zijn) de basis is van de meeste vormen van persoonlijk leed en maatschappelijke problematiek.
Op de weg naar congruentie komt de Westerse mens al snel een onbeduidend lijkende maar omvangrijke uitdaging tegen. Kunnen luisteren naar jezelf. Het antwoord op weten wie je wil zijn kan alleen bij jezelf vandaan komen. Ik las een keer in een boek dat er al wonderen gebeuren als je echt stil kan zitten. De Westerse mens is m.i. overwegend overprikkeld en verslaafd aan prikkels. In 99,9% zijn we met andere dingen bezig dan te luisteren naar je eigen spontane gedachten. Zodra deze een kans krijgen drukken we de stereo aan of gaan we boek lezen waarin de gedachten van een ander staan. Herrie blijkt een goed middel tegen de stilte.
Wat is er zo erg aan je eigen gedachten uit de diepte? Volgens mij gaat het mis als het bewuste verstand aan de haal gaat met de gedachten. Het bewuste verstand wil de gedachten direct doorvertalen naar consequenties en als deze niet direct aanvaardbaar lijken ze zo snel als mogelijk weg rationaliseren. Het onderbewuste ervaart dit als een vorm van onrecht en zorgt er voor dat dit mens moeite kost. Om deze moeite te voorkomen is een vlucht in externe prikkels de easy way out.
Het proces gaat dus mis als het bewuste verstand aan de haal gaat met ons spontane gedachten. Dit terwijl hier de sleutel ligt voor congruentie. Mijn idee is dat je moet luisteren naar wat er in je opkomt zonder er iets van te vinden. Als de gedachten tot inzicht moeten leiden dan dient dit zich vanzelf aan.
Op de weg naar congruentie komt de Westerse mens al snel een onbeduidend lijkende maar omvangrijke uitdaging tegen. Kunnen luisteren naar jezelf. Het antwoord op weten wie je wil zijn kan alleen bij jezelf vandaan komen. Ik las een keer in een boek dat er al wonderen gebeuren als je echt stil kan zitten. De Westerse mens is m.i. overwegend overprikkeld en verslaafd aan prikkels. In 99,9% zijn we met andere dingen bezig dan te luisteren naar je eigen spontane gedachten. Zodra deze een kans krijgen drukken we de stereo aan of gaan we boek lezen waarin de gedachten van een ander staan. Herrie blijkt een goed middel tegen de stilte.
Wat is er zo erg aan je eigen gedachten uit de diepte? Volgens mij gaat het mis als het bewuste verstand aan de haal gaat met de gedachten. Het bewuste verstand wil de gedachten direct doorvertalen naar consequenties en als deze niet direct aanvaardbaar lijken ze zo snel als mogelijk weg rationaliseren. Het onderbewuste ervaart dit als een vorm van onrecht en zorgt er voor dat dit mens moeite kost. Om deze moeite te voorkomen is een vlucht in externe prikkels de easy way out.
Het proces gaat dus mis als het bewuste verstand aan de haal gaat met ons spontane gedachten. Dit terwijl hier de sleutel ligt voor congruentie. Mijn idee is dat je moet luisteren naar wat er in je opkomt zonder er iets van te vinden. Als de gedachten tot inzicht moeten leiden dan dient dit zich vanzelf aan.
zondag 3 mei 2009
Eén met de koe
Er is weinig mooier dan hardlopen op de vroege ochtend, de lucht lijkt schoner en er heerst volmaakte rust. Eén van mijn vaste routes begint met een fietspad met aan beide kanten mooie oude bomen (soort weet ik niet, ik lette nooit op bij biologie). Vervolgens gaat de route over in een pad met betonplaten (a so to say; agriculturial highway) met volgens mij dezelfde bomen aan weerszijden. Dit pad slingert tussen een paar van de mooiste boerderijen van Friesland.
De eerste uitdaging die je hebt als je begint met lopen is het vinden van je cadans. Dit lukt niet altijd, soms weet je al snel of het fysiek een hour of power wordt of dat je gaat lopen als een natte krant. Maar 30 april ging het helemaal goed. Aan alles was te zien dat het zomers ging worden. De dauw hing nog over het land, het vocht in de lucht helpt voor de bescheiden nadorst van de avond ervoor. Zo hier overnadenkend zag ik een kudde koeien in het weiland. Ik zag ze gras eten en in één keer begreep ik waarom een koe dit zo lekker vindt.
Het gras was lang, mooi groen en vooral vochtig door de dauw. Vertaalt naar mensentaal moet dit ongeveer hetzelfde zijn als elke avond haute cuisine en dan in een zodanige hoeveelheid dat dit niet van je tafel waait. Pure overvloed dus. Het is slechts in het referentiekader van de mens dat elke dag gras eenzijdig is. De koeien aten volstrekt ontspannen en er werd niet geloeid. Als er geen serieuze aanleiding is om te loeien dan doet een koe dit, in tegenstelling tot de mens, niet.
De koe kijkt vanuit haar kudde naar de wereld om haar heen, ze zitten altijd eerste rang. De mens vliegt, rijdt, fietst en loopt aan ze voorbij. Er is één plek in het gezichtsveld van de koe die haar bijzondere aandacht verdient. De prachtige kop hals romp boerderij, het winterverblijf. Het bestaan is overzichtelijk, eenvoudig en goed. Of tot de enkels in het gras of in de warmte van de romp van de boerderij.
Stel dat je de koe alleen maar zou kunnen zien vanuit haar verdienstelijke rol in de voedselketen. In dit opzicht is de koe namelijk tamelijk ingenieus en nuttig. Ze mengt gras en water tot de basis voor sublieme zuivel en ultiem tot malse biefstuk. Hoe dubbel kan je als mens zijn. Je verbonden voelen met de koe en toch niet willen dat zij haar rol als food processing unit opgeeft.
De eerste uitdaging die je hebt als je begint met lopen is het vinden van je cadans. Dit lukt niet altijd, soms weet je al snel of het fysiek een hour of power wordt of dat je gaat lopen als een natte krant. Maar 30 april ging het helemaal goed. Aan alles was te zien dat het zomers ging worden. De dauw hing nog over het land, het vocht in de lucht helpt voor de bescheiden nadorst van de avond ervoor. Zo hier overnadenkend zag ik een kudde koeien in het weiland. Ik zag ze gras eten en in één keer begreep ik waarom een koe dit zo lekker vindt.
Het gras was lang, mooi groen en vooral vochtig door de dauw. Vertaalt naar mensentaal moet dit ongeveer hetzelfde zijn als elke avond haute cuisine en dan in een zodanige hoeveelheid dat dit niet van je tafel waait. Pure overvloed dus. Het is slechts in het referentiekader van de mens dat elke dag gras eenzijdig is. De koeien aten volstrekt ontspannen en er werd niet geloeid. Als er geen serieuze aanleiding is om te loeien dan doet een koe dit, in tegenstelling tot de mens, niet.
De koe kijkt vanuit haar kudde naar de wereld om haar heen, ze zitten altijd eerste rang. De mens vliegt, rijdt, fietst en loopt aan ze voorbij. Er is één plek in het gezichtsveld van de koe die haar bijzondere aandacht verdient. De prachtige kop hals romp boerderij, het winterverblijf. Het bestaan is overzichtelijk, eenvoudig en goed. Of tot de enkels in het gras of in de warmte van de romp van de boerderij.
Stel dat je de koe alleen maar zou kunnen zien vanuit haar verdienstelijke rol in de voedselketen. In dit opzicht is de koe namelijk tamelijk ingenieus en nuttig. Ze mengt gras en water tot de basis voor sublieme zuivel en ultiem tot malse biefstuk. Hoe dubbel kan je als mens zijn. Je verbonden voelen met de koe en toch niet willen dat zij haar rol als food processing unit opgeeft.
donderdag 12 februari 2009
Elk decennium een nieuwe mondiale bedreiging
Laatste hoorde ik een nieuwsbericht dat de behoefte aan psychologische hulp sterk gaat toenemen als gevolg van de financiële crisis. Deze toenemende behoefte bestaat niet alleen bij mensen die ook daadwerkelijk geraakt worden. Het idee opzichzelf is voor velen voldoende deprimerend om hierdoor persoonlijk in de mineur te geraken. Omdat het mis loopt in de binaire virtuele wereld van 1-en en 0-en raakt het persoonlijk welbevinden in het geding. Virtuele verliezen verdampen virtueel en al heb je nooit een cent belegd je voelt je toch plaatsvervangend niet lekker.
Zwartgalligheid viert hoogtij. De omvang van de economische crisis is erger dan ooit. Zo erg, daar kan je je gewoon niks bij voorstellen. We zijn er nog lang niet. Dit is nog maar het topje van de ijsberg.
Over ijsbergen gesproken. Laten we ook het milieu niet vergeten. Ging het nog alleen maar om zure regen en een gaatje in de ozonlaag. Tegenwoordig hebben we global dimming en global warming. Onomkeerbare, elkaar in standhoudende en zichzelf versterkende processen. Blijkt dat je global dimming niet moet oplossen voordat je global warming hebt opgelost om het niet nog warmer te laten worden, als dat maar goed gaat. Onderzoek na onderzoek toont aan dat het nog erger is dan we dachten. Ik hoorde laatst zelfs al dat het Co2 probleem peanuts is als er een bepaald soort gas uit de zee bodem vrijkomt. Moet je toch na gaan, is de situatie al onvoorstelbaar erg wordt deze nog onvoorstelbaarder erger. Dat is toch allemaal niet normaal meer.
Ik denk overigens ook dat er wel wat mis is met het milieu. Ik heb inmiddels de meeste lampen bij ons thuis vervangen door spaarlampen, zelfs 1 led-lamp en ik rijd een A-label.
Maar wat ik een erg relativerende gedachte vind is dat we elk decennium een nieuw probleem ervaren waaraan we collectief denken ten onder te gaan. Ik ben benieuwd wat we hierna krijgen.
Zwartgalligheid viert hoogtij. De omvang van de economische crisis is erger dan ooit. Zo erg, daar kan je je gewoon niks bij voorstellen. We zijn er nog lang niet. Dit is nog maar het topje van de ijsberg.
Over ijsbergen gesproken. Laten we ook het milieu niet vergeten. Ging het nog alleen maar om zure regen en een gaatje in de ozonlaag. Tegenwoordig hebben we global dimming en global warming. Onomkeerbare, elkaar in standhoudende en zichzelf versterkende processen. Blijkt dat je global dimming niet moet oplossen voordat je global warming hebt opgelost om het niet nog warmer te laten worden, als dat maar goed gaat. Onderzoek na onderzoek toont aan dat het nog erger is dan we dachten. Ik hoorde laatst zelfs al dat het Co2 probleem peanuts is als er een bepaald soort gas uit de zee bodem vrijkomt. Moet je toch na gaan, is de situatie al onvoorstelbaar erg wordt deze nog onvoorstelbaarder erger. Dat is toch allemaal niet normaal meer.
Ik denk overigens ook dat er wel wat mis is met het milieu. Ik heb inmiddels de meeste lampen bij ons thuis vervangen door spaarlampen, zelfs 1 led-lamp en ik rijd een A-label.
Maar wat ik een erg relativerende gedachte vind is dat we elk decennium een nieuw probleem ervaren waaraan we collectief denken ten onder te gaan. Ik ben benieuwd wat we hierna krijgen.
woensdag 11 februari 2009
Geluk als hoogste doel
Zo wat nadenkend over wat nu eigenlijk het hoogste doel is van mensen kwam ik op geluk. Elk probleem is relatief als je erbij kan zeggen dat je gelukkig bent. Volgens mijn logica is geluk dan het hoogste doel. Hierop doordenkend komt dan de vraag wat geluk dan betekent. Ik denk dat het van belang is dat ieder zijn eigen definitie van geluk heeft of zou moeten hebben. Een mooie definitie op wiki: je comfortabel voelen met de wijze waarop je leven zich ontvouwt. In mijn definitie ben je dit als je kan zijn wie je wil zijn.
Uitgaande van het tijdperk van self control en empowerment is wie je wil zijn ook wie je kan zijn. Stel nu dat we aannemen dat geluk gelijk staat aan jezelf kunnen zijn en we ook aannemen dat geluk geen vanzelfsprekendheid of geen gemeengoed is. Waarom is het dan zo moeilijk om jezelf te kunnen zijn? Is dit omdat willen niet gelijk staat aan kunnen of omdat we collectief niet meer weten wie we willen zijn? Los van dat er gebeurtenissen op je pad kunnen komen die geluk minimaal voor lange tijd in de weg kunnen staan denk ik dat het in de meeste gevallen vooral met de tweede reden te maken heeft. De oorzaak van dit collectieve niet meer weten wie we willen zijn ligt in een te sterke nadruk in onze ontwikkeling op ratio. We jagen daardoor onbewust op argumenten volledig onderbouwde valse beelden van ons zelf na. Zo zie ik mensen dingen doen die niet bij ze passen, of zich handhaven in omgevingen die niet goed voor hun zijn, objectief gezien zijn ze zeer succesvol maar mentaal straatarm. Het objectieve en relatieve succes zorgt ervoor dat sommige mensen ondanks de mentale armoede nog liever letterlijk omvallen dan hier afscheid van nemen. Bizar en bijzonder want mentale rijkdom en objectief succes verdragen elkaar prima, echter alleen in deze volgorde.
Uitgaande van het tijdperk van self control en empowerment is wie je wil zijn ook wie je kan zijn. Stel nu dat we aannemen dat geluk gelijk staat aan jezelf kunnen zijn en we ook aannemen dat geluk geen vanzelfsprekendheid of geen gemeengoed is. Waarom is het dan zo moeilijk om jezelf te kunnen zijn? Is dit omdat willen niet gelijk staat aan kunnen of omdat we collectief niet meer weten wie we willen zijn? Los van dat er gebeurtenissen op je pad kunnen komen die geluk minimaal voor lange tijd in de weg kunnen staan denk ik dat het in de meeste gevallen vooral met de tweede reden te maken heeft. De oorzaak van dit collectieve niet meer weten wie we willen zijn ligt in een te sterke nadruk in onze ontwikkeling op ratio. We jagen daardoor onbewust op argumenten volledig onderbouwde valse beelden van ons zelf na. Zo zie ik mensen dingen doen die niet bij ze passen, of zich handhaven in omgevingen die niet goed voor hun zijn, objectief gezien zijn ze zeer succesvol maar mentaal straatarm. Het objectieve en relatieve succes zorgt ervoor dat sommige mensen ondanks de mentale armoede nog liever letterlijk omvallen dan hier afscheid van nemen. Bizar en bijzonder want mentale rijkdom en objectief succes verdragen elkaar prima, echter alleen in deze volgorde.
maandag 22 december 2008
Verstand zo snel als de brandweer, intuïtie zo snel als de bliksem
Het menselijk verstand (het vermogen om logisch te redeneren, wiki) is ongelovelijk snel in het combineren van feiten en inzichten tot een conclusie of een resultaat. De snelheid is zodanig dat we ons vaak eerder bewust zijn van het resultaat dan de logica waaruit het resultaat is opgebouwd. Dit laatste lijkt op intuïtie. Met dit verschil dat bij intuïtie de achterliggende logica voorzover deze uberhaupt hieraan te grondslag ligt vaak niet snel te ontrafelen is en dat de snelheid van de brandweer het altijd aflegt tegen de snelheid van de bliksem. Intuïtie is zo snel als de bliksem. Het verstand staat er letterlijk bij te kijken als intuïtie zich mengt in het spel. Nu is de doeltreffenheid van de resultaten van beide lastig te vergelijken: verstand bemoeit zich nagenoeg met elke kwestie terwijl intuïtie zich pas doet gelden als het echt ergens over gaat. Mijn ervaring is dat de doeltreffenheid van intuïtie 100% is en dat verstand er soms wel erg lang over doet omdat te processen. Het is om goed om te realiseren dat als we twijfelen aan intuïtie dat dit het werk is van het verstand. Intuïtie twijfelt niet aan verstand. Waarom zou het?
vrijdag 3 oktober 2008
Serendipiteit
Dagelijks schieten er woorden en begrippen voorbij waarvan ik denk "klinkt goed maar wat zou het betekenen?". Voorbeelden die ik tegenwoordig regelmatig hoor zijn volatiel en agile (gerelateerd aan agility). Aan de begrippen is natuurlijk niks nieuws alleen worden ze ogenschijnlijk zo maar in eens door iedereen gebruikt. Met name de laatste vind ik zelf wel leuk om te gebruiken. Ik vraag me bij alles af of het wel voldoende agile is. Vaak wordt er dan instemmend geknikt dat dit natuurlijk wel erg belangrijk is nu alles zo volatiel is.
Deze week bracht collega Vivian Rousseau het woord "Serendipiteit" in een mailwisseling. Ik dacht dat klinkt goed, wil ik wel gaan gebruiken maar moet dan wel even weten wat het betekent. Ik weet dat nu en ik vind het van een geheel andere orde dan eerder genoemde begrippen. Ten eerste omdat het vooralsnog geen modewoord is maar vooral omdat de betekenis mij bijzonder aan spreekt. Maar eerst "wat is het?"
De Wiki zegt er het volgende over:
Serendipiteit verwijst naar het vermogen van een alerte geest om uit toevalligheden conclusies te trekken. Anders gezegd: slimme, voorbereide mensen zijn beter in staat om daadwerkelijk ontdekkingen te doen aan de hand van het toeval. http://nl.wikipedia.org/wiki/Serendipiteit
Pek van Andel (onderzoeker) vertaalt dit als "zoeken naar een speld in een hooiberg, en eruit rollen met een boerenmeid". Hierop doorassocierend vind ik deze andersom in dit verband ook kunnen "met een boerenmeid in het hooi rollen en je prikken aan de spelt die je nog wel graag wilde hebben maar waar je allang niet meer naar zocht.
Het begrip serendipiteit vind ik interessant omdat het, zoals ik het zie, het midden houdt tussen 2 manieren van succesvol zijn in het leven. Het bewust plannen van je leven om je doelen te bereiken (Steven Covey-achtig > 7 habits) versus volstrekt spontaan leven en de goede dingen bij toeval op je af laten komen. Bij de ene bestaat in extreme zin de kans dat je je leven vooral als een geslaagde of niet geslaagde planning gaat zien en dat je geluk altijd pas daar is als je de volgende mijlpaal bereikt hebt. Daartegenover zou je bij hardcore "carpe diem" er achter kunnen komen dat je leven voorbij is terwijl je nog heel veel had gewild en had gekund.
Ik geloof in mix van beide benaderingen. Daar waar het uitleggen van deze mix normaal een arsenaal aan verbaal vraagt noem ik deze vanaf heden "serendipiteit".
Deze week bracht collega Vivian Rousseau het woord "Serendipiteit" in een mailwisseling. Ik dacht dat klinkt goed, wil ik wel gaan gebruiken maar moet dan wel even weten wat het betekent. Ik weet dat nu en ik vind het van een geheel andere orde dan eerder genoemde begrippen. Ten eerste omdat het vooralsnog geen modewoord is maar vooral omdat de betekenis mij bijzonder aan spreekt. Maar eerst "wat is het?"
De Wiki zegt er het volgende over:
Serendipiteit verwijst naar het vermogen van een alerte geest om uit toevalligheden conclusies te trekken. Anders gezegd: slimme, voorbereide mensen zijn beter in staat om daadwerkelijk ontdekkingen te doen aan de hand van het toeval. http://nl.wikipedia.org/wiki/Serendipiteit
Pek van Andel (onderzoeker) vertaalt dit als "zoeken naar een speld in een hooiberg, en eruit rollen met een boerenmeid". Hierop doorassocierend vind ik deze andersom in dit verband ook kunnen "met een boerenmeid in het hooi rollen en je prikken aan de spelt die je nog wel graag wilde hebben maar waar je allang niet meer naar zocht.
Het begrip serendipiteit vind ik interessant omdat het, zoals ik het zie, het midden houdt tussen 2 manieren van succesvol zijn in het leven. Het bewust plannen van je leven om je doelen te bereiken (Steven Covey-achtig > 7 habits) versus volstrekt spontaan leven en de goede dingen bij toeval op je af laten komen. Bij de ene bestaat in extreme zin de kans dat je je leven vooral als een geslaagde of niet geslaagde planning gaat zien en dat je geluk altijd pas daar is als je de volgende mijlpaal bereikt hebt. Daartegenover zou je bij hardcore "carpe diem" er achter kunnen komen dat je leven voorbij is terwijl je nog heel veel had gewild en had gekund.
Ik geloof in mix van beide benaderingen. Daar waar het uitleggen van deze mix normaal een arsenaal aan verbaal vraagt noem ik deze vanaf heden "serendipiteit".
Labels:
agile,
agility,
pek van andel,
serendipiteit,
Steven Covey,
volatiel
donderdag 25 september 2008
Niet wetenschappelijk betoog over de wetenschap en de niet-wetenschap
De wetenschap is het domein van theorieën over en modellen van de werkelijkheid waar bewijs voor gevonden is of naar bewijs wordt gezocht. De niet-wetenschap daartegenover is het domein van theorieën waar niet noodzakelijkerwijs bewijs voor is en waar er niet noodzakelijkerwijs naar wordt gezocht. Het is de taak van de wetenschap om bewijs te vinden omdat de wetenschap bewijs belangrijk vindt en hiermee samenhangend omdat dit de essentie is van de wetenschap.
Het nut van deze theorieën of modellen daarentegen vind je in de beide domeinen, bewijs is hierin geen bepalende factor. Iets kan net zo goed wel of niet helpen als het wel of niet bewezen is dat het kan helpen.
Het is evident dat de wetenschap ongelofelijk waardevol is. Je hoeft hier geen wetenschapper voor te zijn om dit in te zien. Nu is zo dat ik het idee heb dat ondanks deze ongelofelijke waarde er toch teveel waarde wordt gehecht aan de wetenschap in de westerse wereld. Het domein van de niet-wetenschap, het domein van de subjectieve kennis, is minimaal net zo waardevol of nog veel waardevoller en in omvang zo oneindig veel groter. De wetenschap gaat slechts over het deel dat bewezen is, de objectieve kennis. Op een of andere manier hechten we zoveel aan dit bewijs dat alles wat niet bewezen is gemiddeld genomen met scepis wordt benaderd. Bijzonder daarbij is dat het zo lijkt dat wat de wetenschap niet kan bewijzen een negatieve kwalificatie betekent voor hetgeen niet bewezen is. Logischer zou zijn dat deze negatieve kwalificatie terug zou slaan op de wetenschap zelf. De wetenschap is niet in staat aan te tonen wat in de niet-wetenschap door zoveel mensen als nuttig en als waar wordt ervaren.
Het nut van deze theorieën of modellen daarentegen vind je in de beide domeinen, bewijs is hierin geen bepalende factor. Iets kan net zo goed wel of niet helpen als het wel of niet bewezen is dat het kan helpen.
Het is evident dat de wetenschap ongelofelijk waardevol is. Je hoeft hier geen wetenschapper voor te zijn om dit in te zien. Nu is zo dat ik het idee heb dat ondanks deze ongelofelijke waarde er toch teveel waarde wordt gehecht aan de wetenschap in de westerse wereld. Het domein van de niet-wetenschap, het domein van de subjectieve kennis, is minimaal net zo waardevol of nog veel waardevoller en in omvang zo oneindig veel groter. De wetenschap gaat slechts over het deel dat bewezen is, de objectieve kennis. Op een of andere manier hechten we zoveel aan dit bewijs dat alles wat niet bewezen is gemiddeld genomen met scepis wordt benaderd. Bijzonder daarbij is dat het zo lijkt dat wat de wetenschap niet kan bewijzen een negatieve kwalificatie betekent voor hetgeen niet bewezen is. Logischer zou zijn dat deze negatieve kwalificatie terug zou slaan op de wetenschap zelf. De wetenschap is niet in staat aan te tonen wat in de niet-wetenschap door zoveel mensen als nuttig en als waar wordt ervaren.
dinsdag 26 augustus 2008
Het is vandaag niet zo warm als het had kunnen zijn
Nu is het ook niet meteen zo dat het een jas scheelt maar ik heb vandaag serieus co2 bespaard. Op het moment van schrijven nog maar de helft, vanmiddag vindt de tweede helft van de besparing plaats.
Ik heb vandaag mijn ge A-labelde auto thuis laten staan en ben vanaf station Grou-Irnsum met de trein naar Groningen gegaan en met een OV-fiets naar kantoor. De totale reistijd bedraagt een uur en 30 minuten, normaal gesproken is dit 45 minuten. Alleszins een acceptabel verschil, want je kan werken en van het uitzicht genieten. Sportief gezien is het ook een goede deal want in deze anderhalf uur reistijd zit minimaal 20 minuten fietsen.
De business unit waar ik binnen Ordina ga werken (Ordina Public Management Consultants) doet mee aan een pilot waarin medewerkers naast een lease auto ook beschikking kunnen krijgen over een NS-Business Card. Je boekt de reis on-line, stapt in de trein en de conducteur (mocht deze langs komen) scant je kaart. Op het station kan je met dezelfde kaart zonder reservering een fiets ophalen. Kan het nog beter? Ja zeker, ik mis de koffie op het traject tussen Leeuwarden en Groningen.
Ik heb vandaag mijn ge A-labelde auto thuis laten staan en ben vanaf station Grou-Irnsum met de trein naar Groningen gegaan en met een OV-fiets naar kantoor. De totale reistijd bedraagt een uur en 30 minuten, normaal gesproken is dit 45 minuten. Alleszins een acceptabel verschil, want je kan werken en van het uitzicht genieten. Sportief gezien is het ook een goede deal want in deze anderhalf uur reistijd zit minimaal 20 minuten fietsen.
De business unit waar ik binnen Ordina ga werken (Ordina Public Management Consultants) doet mee aan een pilot waarin medewerkers naast een lease auto ook beschikking kunnen krijgen over een NS-Business Card. Je boekt de reis on-line, stapt in de trein en de conducteur (mocht deze langs komen) scant je kaart. Op het station kan je met dezelfde kaart zonder reservering een fiets ophalen. Kan het nog beter? Ja zeker, ik mis de koffie op het traject tussen Leeuwarden en Groningen.
donderdag 15 mei 2008
Een compleet mens
Een van de leermeester die ik ben tegen gekomen gebruikte de term “een compleet mens” worden. De mens die fit is for purpose. Toegerust om zich succesvol te onderscheiden in het leven. De term houdt mij bezig. Stel je krijgt de kans om een basismens met zijn basisfuncties (zo beginnen we allemaal) uit te rusten met een beperkt aantal vaardigheden en inzichten om van deze basismens een compleet mens te maken. Wat wil je dan toevoegen aan deze mens teneinde deze een succesvolle toekomst te geven? Ik ga dan even voorbij aan basale dingen die je idealiter altijd bezit als schrijf-, lees- en rekenvaardigheid. Het gaat om de dingen die het koren van het kaf doen scheiden. Ik kom tot het volgende:
Luistervaardigheid
In staat zijn echt te begrijpen wat een ander bedoelt door waardevrij te kunnen converseren (los van je eigen waarden). Communicatie is waanzinnig complex. Een woord is samenvatting van heel veel gedachten, denkbeelden en intenties. Het gaat niet om het woord dat gebruikt wordt, maar om de gedachten, denkbeelden en intenties van degene die het zegt. Probeer dit eerst te begrijpen voordat je begrepen wil worden door de ander. De kwaliteit van relaties en je persoonlijke effectiviteit in het bereiken van doelen nemen exponentieel toe. Conflicten bestaan meestal niet uit mensen die het in de merites oneens zijn, maar uit mensen die elkaar niet begrijpen.
Spreekvaardigheid
Woorden en zinnen die je uitspreekt hebben zowel een directe als een indirecte boodschap in zich. De ontvanger reageert bewust en onbewust op beide boodschappen die je uitzendt waarbij de indirecte boodschap de directe boodschap overheerst. De indirecte boodschap zegt veel over je wereldbeeld, emoties en je intenties. Bewustzijn van wat het zegt wat je zegt (over jezelf) is cruciaal omdat dit het succes van de boodschap bepaalt.
Intuïtie
Het bewustzijn dat intuïtie een hogere vorm van kennis voortbrengt dan de ratio. Wat voor het gevoel niet klopt, klopt inderdaad niet. Ook al toont de ratio aan dat dit wel zo is.
Alles bestaat uit hetzelfde
Het bewustzijn dat alles en iedereen uit hetzelfde bestaat en onderling van invloed op elkaar is. Je kan iemand niks doen zonder hetzelfde ook bij jezelf te doen. Wat je weggeeft krijg je terug.
Bewust creëren van een eigen werkelijkheid
Op metaniveau kunnen denken over je eigen blik op de werkelijkheid. De werkelijkheid of waarheid is niet absoluut, maar een persoonlijk product. Je maakt deze zelf en wel zodanig dat het een sterke neiging heeft het eigen gelijk aan te tonen. Maak er daarom één die jezelf dient en daarmee per definitie ook altijd een ander.
Internal locus of control
Het hebben van een internal locus of control. Mensen met internal locus of control zien de omstandigheden als het gevolg van eigen handelen versus een external locus of control waarin de omstandigheden bepalend zijn voor het eigen handelen en welbevinden (slachtoffer denken). Een internal locus of control geeft je grip op je eigen leven en doet een beroep op je potentieel.
Luistervaardigheid
In staat zijn echt te begrijpen wat een ander bedoelt door waardevrij te kunnen converseren (los van je eigen waarden). Communicatie is waanzinnig complex. Een woord is samenvatting van heel veel gedachten, denkbeelden en intenties. Het gaat niet om het woord dat gebruikt wordt, maar om de gedachten, denkbeelden en intenties van degene die het zegt. Probeer dit eerst te begrijpen voordat je begrepen wil worden door de ander. De kwaliteit van relaties en je persoonlijke effectiviteit in het bereiken van doelen nemen exponentieel toe. Conflicten bestaan meestal niet uit mensen die het in de merites oneens zijn, maar uit mensen die elkaar niet begrijpen.
Spreekvaardigheid
Woorden en zinnen die je uitspreekt hebben zowel een directe als een indirecte boodschap in zich. De ontvanger reageert bewust en onbewust op beide boodschappen die je uitzendt waarbij de indirecte boodschap de directe boodschap overheerst. De indirecte boodschap zegt veel over je wereldbeeld, emoties en je intenties. Bewustzijn van wat het zegt wat je zegt (over jezelf) is cruciaal omdat dit het succes van de boodschap bepaalt.
Intuïtie
Het bewustzijn dat intuïtie een hogere vorm van kennis voortbrengt dan de ratio. Wat voor het gevoel niet klopt, klopt inderdaad niet. Ook al toont de ratio aan dat dit wel zo is.
Alles bestaat uit hetzelfde
Het bewustzijn dat alles en iedereen uit hetzelfde bestaat en onderling van invloed op elkaar is. Je kan iemand niks doen zonder hetzelfde ook bij jezelf te doen. Wat je weggeeft krijg je terug.
Bewust creëren van een eigen werkelijkheid
Op metaniveau kunnen denken over je eigen blik op de werkelijkheid. De werkelijkheid of waarheid is niet absoluut, maar een persoonlijk product. Je maakt deze zelf en wel zodanig dat het een sterke neiging heeft het eigen gelijk aan te tonen. Maak er daarom één die jezelf dient en daarmee per definitie ook altijd een ander.
Internal locus of control
Het hebben van een internal locus of control. Mensen met internal locus of control zien de omstandigheden als het gevolg van eigen handelen versus een external locus of control waarin de omstandigheden bepalend zijn voor het eigen handelen en welbevinden (slachtoffer denken). Een internal locus of control geeft je grip op je eigen leven en doet een beroep op je potentieel.
zaterdag 19 april 2008
De kracht van systeemdenken
De werkelijkheid zoals wij deze ervaren is een product van onszelf. Een absolute waarheid bestaat alleen in onze eigen interpretatie. Een boom kan hout voor je zijn, de baas van het bos, de schaduw, brandstof, bouwmateriaal, een bron van inspiratie, een obstakel, de longen van de aarde of combinaties hiervan of alles tegelijk. Maar een totale blik op alle dimensies van een boom heeft niemand. Alles is te veel voor ons en daarom maken we keuzes over wat iets is en dat niet alleen voor bomen maar voor alles. Al deze elementen op zich en elementen als geheel richten we systematisch in. Een min of meer logisch geheel van elkaar wederzijds beïnvloedende elementen. De mate van bestuurbaarheid van de elementen wordt bepaald door de de filosofie van de systeemeigenaar. Het systeem is bedoelt om het geheel te vereenvoudigen en draagt hier verder aan bij door continue aan te tonen dat het systeem klopt en nodig is. Zou een systeem een mens zijn dan had deze een groot ego.
De keuzes die we maken ten aanzien van onze werkelijkheid en ons persoonlijk systeem waarin we deze ordenen hangt van talloze factoren af maar worden volgens mij belangrijk beïnvloed door cultuur, geloof, karakter en bewustzijn. De mate waarin we hierover op een metaniveau kunnen denken, ons met andere woorden bewust zijn van dit creatieproces, hangt volgens mij af van persoonlijke bewustzijn, interesses en de leermeesters (ervaringen of mensen) die je tegen bent gekomen. Het is niet voorbehouden aan een bepaalde groep mensen maar je moet op enig moment wel met deze inzichten in aanraking komen of je behoort tot de gelukkige groep die nooit anders hebben geweten en het misschien niet eens weten dat ze het weten. Ik behoor tot de groep die er op enig moment mee in aanraking is gekomen, ik heb het dus niet altijd zo gezien. Niet dat ik eerder tegen was of het ten opzichte van dit anders zag maar het was eenvoudigweg een dimensie die ik nog niet ontdekt had.
De deugd van dit inzicht is zo belangrijk dat als ik vandaag iets aan de wereld aan alle mensen zou kunnen geven om de grote problemen op de wereld op te lossen dan zou het dit inzicht zijn. Wie zou iemand anders nog geweld willen aan doen als deze er zich bewust van is dat de reden om dit te doen een eigen creatie is en niks zegt over de werkelijkheid die is. De basis voor oorlog wordt gevonden in een denksysteem van oorzaak en gevolg, de wereld wordt ingedeeld in landen welke gescheiden worden door een grens. Maar als je van Nederland naar België rijdt zie je nergens een streep op het landschap. Inwoners in een land worden ingedeeld in een groep met bepaalde kenmerken en intenties maar dit alles zal niks zeggen over de kenmerken of intenties van het mens dat je tegenkomt. Toch is wel het individuele mens dat geraakt wordt door de conclusie die getrokken wordt uit een denksysteem. Het creëren van een eigen werkelijkheid en systeem is noodzakelijk, onvermijdelijk en nuttig maar kan niet zonder dit relativeringsvermogen. Het systeem is niks, je kan het niet eens aanraken, je wordt er niet gelukkig van maar het geweld wat als gevolg hiervan wordt gebruikt is wel werkelijkheid. Deze werkelijk is dagelijks te zien en voor degenen die het betreft moeilijk te relativeren.
Denksystemen zijn onvoorstelbaar krachtig zowel in positieve als in negatieve zin. Gebruik ze alleen voor het positieve.
De keuzes die we maken ten aanzien van onze werkelijkheid en ons persoonlijk systeem waarin we deze ordenen hangt van talloze factoren af maar worden volgens mij belangrijk beïnvloed door cultuur, geloof, karakter en bewustzijn. De mate waarin we hierover op een metaniveau kunnen denken, ons met andere woorden bewust zijn van dit creatieproces, hangt volgens mij af van persoonlijke bewustzijn, interesses en de leermeesters (ervaringen of mensen) die je tegen bent gekomen. Het is niet voorbehouden aan een bepaalde groep mensen maar je moet op enig moment wel met deze inzichten in aanraking komen of je behoort tot de gelukkige groep die nooit anders hebben geweten en het misschien niet eens weten dat ze het weten. Ik behoor tot de groep die er op enig moment mee in aanraking is gekomen, ik heb het dus niet altijd zo gezien. Niet dat ik eerder tegen was of het ten opzichte van dit anders zag maar het was eenvoudigweg een dimensie die ik nog niet ontdekt had.
De deugd van dit inzicht is zo belangrijk dat als ik vandaag iets aan de wereld aan alle mensen zou kunnen geven om de grote problemen op de wereld op te lossen dan zou het dit inzicht zijn. Wie zou iemand anders nog geweld willen aan doen als deze er zich bewust van is dat de reden om dit te doen een eigen creatie is en niks zegt over de werkelijkheid die is. De basis voor oorlog wordt gevonden in een denksysteem van oorzaak en gevolg, de wereld wordt ingedeeld in landen welke gescheiden worden door een grens. Maar als je van Nederland naar België rijdt zie je nergens een streep op het landschap. Inwoners in een land worden ingedeeld in een groep met bepaalde kenmerken en intenties maar dit alles zal niks zeggen over de kenmerken of intenties van het mens dat je tegenkomt. Toch is wel het individuele mens dat geraakt wordt door de conclusie die getrokken wordt uit een denksysteem. Het creëren van een eigen werkelijkheid en systeem is noodzakelijk, onvermijdelijk en nuttig maar kan niet zonder dit relativeringsvermogen. Het systeem is niks, je kan het niet eens aanraken, je wordt er niet gelukkig van maar het geweld wat als gevolg hiervan wordt gebruikt is wel werkelijkheid. Deze werkelijk is dagelijks te zien en voor degenen die het betreft moeilijk te relativeren.
Denksystemen zijn onvoorstelbaar krachtig zowel in positieve als in negatieve zin. Gebruik ze alleen voor het positieve.
Labels:
creatie,
filosofie,
systeemdenken,
werkelijkheid
vrijdag 11 april 2008
Wie je bent
Vaak hoor je mensen zeggen wie ze zijn of wie of wat ze niet zijn. Zeggen wie je bent of wie je niet bent is noodzakelijk om een doel te bereiken. Het belang van wie jij vindt of wie anderen vinden dat je bent is zo groot dat dit tot heftige emoties kan leiden (positief of negatief). Wellicht omdat het zowel de rem als de accelerator van je potentieel is.
Maar wie je ben nu echt?
Ik denk dat je bent wie je denkt dat je was, wie je denkt dat je nu bent, wie je denkt dat je zal worden, wat anderen denken wie je was, wat anderen denken wie je nu bent en wat anderen denken wie je zal worden. Je bent voornamelijk wie je bent ten opzichte van wie anderen zijn gezien vanuit je eigen blik maar ook vanuit de blik van anderen. Je bent los van alle beelden over wie je bent ook gewoon wie je bent.
Om te zijn wie je bent en om te worden wie wil je zijn heb jezelf en anderen nodig. Hun beeld van jou bepaald de mate waarin ze je dichter bij jouw doel brengen. Een beeld van ander over wie je bent kan vanuit jezelf gezien zeer onterecht zijn. De constatering alleen is geen effectieve reactie. Een beeld van ander over jouw aanpassen is een uitdaging op zich. Hoe lastig is het wel niet om je eigen beeld over jezelf aan te passen? Je eigen beeld over wie je bent zou je zomaar de waarheid kunnen noemen of deze waarheid je nu hindert of niet. Andere mensen hebben deze neiging ook over hun eigen beeld maar wellicht ook over het beeld wat zij hebben van een ander. Daar komt nog bij dat zijn geen probleem hebben met hun beeld over jou, dit probleem en het belang om het op te lossen heb je alleen zelf. Als een probleem zo gecompliceerd is zijn ego, emotie en oerdrift niet je beste vrienden om het op te lossen. Ze zijn wel leuk maar lijken zichzelf uit te nodigen en ze eisen in dit soort situaties teveel ruimte op. Ruimte die je volledig nodig hebt om zorgvuldig, rustig en los van eigen denkbeelden op te sporen uit welke elementen het beeld van de ander over jou bestaat. De ander zal alleen maar vrij en zuiver praten over zijn beeld over jou aan jou als hij het idee heeft dat je niet gekwetst wordt, zich in het minst niet door je bedreigd voelt (en zeker niet met schuim in de mondhoeken en het rood in de ogen) of zich moet verdedigen tegen jouw beelden over hem. Dit laatste zal dan namelijk direct de prioriteit krijgen. De deugd is groot als je op deze manier een gesprek kan voeren. Door waardevrij (vrij van je eigen waarden) het beeld van de ander over jou te bespreken wordt dit beeld direct positief beïnvloed omdat het ervaren wordt als een vorm van verlichtende kunst en worden de elementen duidelijk waaruit het beeld bestaat. Het beeld kan gecompliceerd zijn maar de elementen zijn dit nooit en kennen altijd te duiden oorzaken.
Maar wie je ben nu echt?
Ik denk dat je bent wie je denkt dat je was, wie je denkt dat je nu bent, wie je denkt dat je zal worden, wat anderen denken wie je was, wat anderen denken wie je nu bent en wat anderen denken wie je zal worden. Je bent voornamelijk wie je bent ten opzichte van wie anderen zijn gezien vanuit je eigen blik maar ook vanuit de blik van anderen. Je bent los van alle beelden over wie je bent ook gewoon wie je bent.
Om te zijn wie je bent en om te worden wie wil je zijn heb jezelf en anderen nodig. Hun beeld van jou bepaald de mate waarin ze je dichter bij jouw doel brengen. Een beeld van ander over wie je bent kan vanuit jezelf gezien zeer onterecht zijn. De constatering alleen is geen effectieve reactie. Een beeld van ander over jouw aanpassen is een uitdaging op zich. Hoe lastig is het wel niet om je eigen beeld over jezelf aan te passen? Je eigen beeld over wie je bent zou je zomaar de waarheid kunnen noemen of deze waarheid je nu hindert of niet. Andere mensen hebben deze neiging ook over hun eigen beeld maar wellicht ook over het beeld wat zij hebben van een ander. Daar komt nog bij dat zijn geen probleem hebben met hun beeld over jou, dit probleem en het belang om het op te lossen heb je alleen zelf. Als een probleem zo gecompliceerd is zijn ego, emotie en oerdrift niet je beste vrienden om het op te lossen. Ze zijn wel leuk maar lijken zichzelf uit te nodigen en ze eisen in dit soort situaties teveel ruimte op. Ruimte die je volledig nodig hebt om zorgvuldig, rustig en los van eigen denkbeelden op te sporen uit welke elementen het beeld van de ander over jou bestaat. De ander zal alleen maar vrij en zuiver praten over zijn beeld over jou aan jou als hij het idee heeft dat je niet gekwetst wordt, zich in het minst niet door je bedreigd voelt (en zeker niet met schuim in de mondhoeken en het rood in de ogen) of zich moet verdedigen tegen jouw beelden over hem. Dit laatste zal dan namelijk direct de prioriteit krijgen. De deugd is groot als je op deze manier een gesprek kan voeren. Door waardevrij (vrij van je eigen waarden) het beeld van de ander over jou te bespreken wordt dit beeld direct positief beïnvloed omdat het ervaren wordt als een vorm van verlichtende kunst en worden de elementen duidelijk waaruit het beeld bestaat. Het beeld kan gecompliceerd zijn maar de elementen zijn dit nooit en kennen altijd te duiden oorzaken.
woensdag 9 april 2008
Hersenen, denken en het voortbrengen van kennis
Over de werking en de functie van hersenen zijn net als over denken en kennis boeken vol geschreven. We weten er nog steeds niet alles van of misschien juist wel weinig. Afgezien daarvan is het van belang of dat wat ervan geweten wordt of dit door velen of door weinigen geweten wordt. Dit laatste is niet wenselijk gezien het nut dat we toe kennen aan hersenen, denken en kennis in relatie tot ons dagelijks functioneren en levensgeluk. Iedereen zou moeten weten wat hun functie en werking is. Basale en cruciale kennis over de functie en de werking is voldoende. Gaat het hier echter mis dan zorgt dit voor, om een understatement te gebruiken, voor ongemak en ongenoegen. Een vraag die mij in dit verband bezighoud is of hersenen en denken (in context van dit artikel als 1 beschouwd) de bron zijn van kennis (in de meeste ruime zin) of dat ze slechts maar daarom niet minder van belang een kennisverwerkende functie hebben. Een reactie hierop zou kunnen zijn dat het evident is dat de hersenen slechts verwerker zijn omdat alle kennis die we hebben ergens opgedaan is; op school, in een boek, in de opvoeding of ervaringen. Dit is m.i. grotendeels waar maar elke theorie of kennisdeel wat op deze manier op ons overgedragen is moet ergens een bron kennen. Zijn de elementen van de formule van Einstein ontstaan in zijn hersenen of kwam het toch ergens anders vandaan en dan anders dan een boek of andere voor de hand liggende kennisbronnen. Los van deze discussie ben ik er van overtuigd dat de individuele kennis (of de hersenen deels de bron zijn of niet) groter is dan de som die je kan verklaren uit deze voor de hand liggende kennisbronnen.
Het is lijkt mij pas zinvol om gebruiksaanwijzingen voor optimaal gebruik te lezen als de basisfunctie van de hersenen duidelijk zijn. Het verschil tussen hersenen als bron of als verwerker van kennis schets volgens mij een totaal ander uitgangspunt. Als hersenen de bron zijn van de kennis dan is de hoeveelheid kennis gebonden aan persoon van wie de hersenen zijn. Zijn de hersenen slechts de verwerker en niet de bron dan betekent dit dat de kennis of de ingrediënten van de kennis buiten de hersenen en de persoon aan wie ze toebehoren afkomstig is. In dit geval zou iedereen wellicht gebruik kunnen maken van dezelfde totale kennis die is en wordt het interessant om te kijken wat bepaald of je meer of minder ter beschikking hebt. Zijn de hersenen de bron van de kennis dan beschik ik min of meer toevallig over bepaalde kennis en iemand anders toevallig over andere bepaalde kennis. Ik kan dan niet zondermeer beschikken over de kennis van de ander en andersom. Uiteindelijk blijven beide scenario's (net zo als alles) theoretische denkkaders. Beide kunnen de werkelijkheid wellicht benaderen maar hoe stel je dat ooit vast. En waarom zou je het vast willen stellen als je er zo ook van kunt profiteren. Ik kies daarom voor denkkaders waar ik mij het beste bij voel en die de meeste antwoorden geven op vragen die ik heb.
Ik ben, deels geïnspireerd op de theorie van zero point fields, ervan overtuigd geraakt dat kennis buiten onszelf staat. Deze theorie gaat ervan uit dat letterlijk alles in het kleinste deel uit hetzelfde bestaat. Dit kleinste deel is energie. Kennis van welke aard dan ook bestaat dus ook uit deze energie. Alles wat ooit bedacht is en wat nu in de toekomst bedacht zal worden bestaat hierin. De omvang is niet in een menselijke maat vast te stellen. Iedereen kan over dit gigantische kennis potentieel beschikken. De kennis is van niemand maar niet iedereen maakt er in gelijke mate gebruik van of kan er wellicht in gelijke mate gebruik van maken (dit laatste ben ik nog niet helemaal uit, ik vermoed dat EQ hier belangrijker is dan IQ). Als de kennis onbeperkt is en in principe voor iedereen even toegankelijk dan wordt het interessant om te bedenken wat je wel of niet moet doen om er maximaal gebruik van te maken. Het belangrijkste hierin is dat je jezelf ontdoet van al je vaste opvattingen/paradigma's, normen en maatstaven. Je moet bewust zijn van al deze filters die je blik op de werkelijkheid bepalen en alles zeggen over je eigen waarheid maar niet over wat feitelijk is. En dit betekent niet dat je als een mediterende monnik door het leven moet gaan, de hypotheek moet gewoon betaalt worden. Gebruik de filters die je dienen op alle vlakken en dus ook om je te handhaven in het dagelijks leven. Soms moet je kiezen voor één opvatting van de waarheid. Hetzelfde geldt voor je ego, dit staat in de weg als het gaat om puur te ervaren wat is. Maar dit betekent niet dan een ego overbodig is. 6 miljard mensen worden toch niet standaard uitgerust met een ego als juist deze het geluk in de weg staat, welk een kwelgeest zou dit bedenken? Het is voldoende om je bewust te zijn van al je creaties en ego om in contact te komen met de kennis die is. De volgende stap die al belangrijk bevorderd is door de eerste stap (het geeft veel rust als je los bent van je eigen per definitie beperkende denkbeelden) is om af stemmen op de golflengte van de kennis. Energieën hebben frequenties en een amplituden en zijn van invloed op elkaar. Mensen die ook onder de noemer “alles” vallen en dus in essentie ook uit energie bestaan hebben dus ook frequenties en amplitudes. In hersenen zijn deze golven goed waar te nemen met de juiste apparatuur. Afhankelijk van de staat waarin we verkeren (stress, normale ontspanning, diepe ontspanning, meditatie of trance) variëren deze golven van hoog en frequent in een stress situatie tot bijna vlak in een staat van trance. Van kennis als energie wordt aangenomen (neem ik aan) dat deze een lage frequentie en lage amplitude kennen. Hoe dichter je eigen energie frequentie en amplitude liggen bij die van kennis hoe groter de toegang. Iedereen kent van die momenten van ontspanning op zijn vakantie dat alles volkomen helder en duidelijk is. Dit is een moment waarin je energie afgestemd is op de frequentie van intelligentie.
Zoals ik aangaf moet een theorie mij aanspreken en antwoord geven op de meeste van mijn vragen. De theorie dat kennis een soort energieveld is verklaart voor mij collectief bewustzijn, helderziendheid en telepathie. Alle drie zijn kennisgerelateerde onderwerpen. Iedereen heeft toegang tot hetzelfde energieveld en dit energieveld heeft ook toegang tot ons verklaart collectief bewustzijn. Een helderziende is goed in staat te focussen op bepaalde energievelden. Helderzienden zijn volgens mij ook vaak a-typische figuren die niet aan de heersende normen en maatstaven voldoen, ze hebben van nature minder filters die hun zicht beperken. Telepathische communicatie zie ik als twee mensen die focussen op dezelfde kennis velden.
Als ik denk aan deze gigantische hoeveelheid kennis en de toegang die wij hiertoe hebben dan realiseer ik mij hoe beperkt mijn eigen kennis is ten opzichte van de kennis die is en er komt mij een spreekwoord in gedachte welke ik niet letterlijk kan reproduceren maar ongeveer als volgt gaat:
Ik ben, deels geïnspireerd op de theorie van zero point fields, ervan overtuigd geraakt dat kennis buiten onszelf staat. Deze theorie gaat ervan uit dat letterlijk alles in het kleinste deel uit hetzelfde bestaat. Dit kleinste deel is energie. Kennis van welke aard dan ook bestaat dus ook uit deze energie. Alles wat ooit bedacht is en wat nu in de toekomst bedacht zal worden bestaat hierin. De omvang is niet in een menselijke maat vast te stellen. Iedereen kan over dit gigantische kennis potentieel beschikken. De kennis is van niemand maar niet iedereen maakt er in gelijke mate gebruik van of kan er wellicht in gelijke mate gebruik van maken (dit laatste ben ik nog niet helemaal uit, ik vermoed dat EQ hier belangrijker is dan IQ). Als de kennis onbeperkt is en in principe voor iedereen even toegankelijk dan wordt het interessant om te bedenken wat je wel of niet moet doen om er maximaal gebruik van te maken. Het belangrijkste hierin is dat je jezelf ontdoet van al je vaste opvattingen/paradigma's, normen en maatstaven. Je moet bewust zijn van al deze filters die je blik op de werkelijkheid bepalen en alles zeggen over je eigen waarheid maar niet over wat feitelijk is. En dit betekent niet dat je als een mediterende monnik door het leven moet gaan, de hypotheek moet gewoon betaalt worden. Gebruik de filters die je dienen op alle vlakken en dus ook om je te handhaven in het dagelijks leven. Soms moet je kiezen voor één opvatting van de waarheid. Hetzelfde geldt voor je ego, dit staat in de weg als het gaat om puur te ervaren wat is. Maar dit betekent niet dan een ego overbodig is. 6 miljard mensen worden toch niet standaard uitgerust met een ego als juist deze het geluk in de weg staat, welk een kwelgeest zou dit bedenken? Het is voldoende om je bewust te zijn van al je creaties en ego om in contact te komen met de kennis die is. De volgende stap die al belangrijk bevorderd is door de eerste stap (het geeft veel rust als je los bent van je eigen per definitie beperkende denkbeelden) is om af stemmen op de golflengte van de kennis. Energieën hebben frequenties en een amplituden en zijn van invloed op elkaar. Mensen die ook onder de noemer “alles” vallen en dus in essentie ook uit energie bestaan hebben dus ook frequenties en amplitudes. In hersenen zijn deze golven goed waar te nemen met de juiste apparatuur. Afhankelijk van de staat waarin we verkeren (stress, normale ontspanning, diepe ontspanning, meditatie of trance) variëren deze golven van hoog en frequent in een stress situatie tot bijna vlak in een staat van trance. Van kennis als energie wordt aangenomen (neem ik aan) dat deze een lage frequentie en lage amplitude kennen. Hoe dichter je eigen energie frequentie en amplitude liggen bij die van kennis hoe groter de toegang. Iedereen kent van die momenten van ontspanning op zijn vakantie dat alles volkomen helder en duidelijk is. Dit is een moment waarin je energie afgestemd is op de frequentie van intelligentie.
Zoals ik aangaf moet een theorie mij aanspreken en antwoord geven op de meeste van mijn vragen. De theorie dat kennis een soort energieveld is verklaart voor mij collectief bewustzijn, helderziendheid en telepathie. Alle drie zijn kennisgerelateerde onderwerpen. Iedereen heeft toegang tot hetzelfde energieveld en dit energieveld heeft ook toegang tot ons verklaart collectief bewustzijn. Een helderziende is goed in staat te focussen op bepaalde energievelden. Helderzienden zijn volgens mij ook vaak a-typische figuren die niet aan de heersende normen en maatstaven voldoen, ze hebben van nature minder filters die hun zicht beperken. Telepathische communicatie zie ik als twee mensen die focussen op dezelfde kennis velden.
Als ik denk aan deze gigantische hoeveelheid kennis en de toegang die wij hiertoe hebben dan realiseer ik mij hoe beperkt mijn eigen kennis is ten opzichte van de kennis die is en er komt mij een spreekwoord in gedachte welke ik niet letterlijk kan reproduceren maar ongeveer als volgt gaat:
“heb geen angst voor wat je niet kan
maar
juist ontzag voor de mogelijkheden van je onbeperkte potentieel”
maar
juist ontzag voor de mogelijkheden van je onbeperkte potentieel”
zaterdag 5 april 2008
Wat ik geloof
Ergens rond mijn zestiende jaar werd ik mij bewust van mijn interesse in de filosofie. Ik prijs mezelf gelukkig dat ik deze interesse heb omdat het mij altijd bijzonder van dienst is geweest dat ik geleerd heb op verschillende manieren naar hetzelfde te kijken. Wat iets is bepaal jezelf. Dus laat het vooral iets zijn dat goed voor je is. Door dit inzicht sta ik gemakkelijker in het leven dan dat ik gedaan zou hebben zonder een kennismaking met filosofie. Ik zou mogelijk specifieke opvattingen hebben gehad over bepaalde zaken en deze met veel energie nutteloos hebben verbruikt om mijn gelijk aan te tonen tegen mensen die net andere specifieke opvattingen hebben over deze zaken en ook proberen hun gelijk aan te tonen.
Als ik in een paar one liners moet samenvatten welke inzichten mijn zelfstudie filosofie mij hebben gebracht dan zijn dat: dat geluk wordt gevonden in het moment, dat ik zeer weinig weet, dat ons intellect schril afsteekt tegen de kennis die is en weinig relatie heeft en dat wat wij als waarheid zien onze eigen creatie is. En op de laatste door te gaan; als we ergens last of profijt van hebben dan is de kans dat we dit zelf veroorzaakt hebben erg groot (maar m.i. niet 100%). Het bewustzijn dat alles creatie is (is ook een creatie) ontstond bij mij niet in één dag. Er zijn toch ook gewoon dingen die echt zo zijn? Of zijn de dingen die gewoon echt zo zijn zijn gewoon heel sterke creaties die vaak al eeuwen meegaan en diep in de genen meegaan van generatie op generatie? Eén van de punten wat ik in het licht van de theorie van zelfcreatie boeiend vond is geloof (protestants in mijn geval). Vanaf de kleuterschool is mij dit onderwezen als zijnde de waarheid en alhoewel in mijn ogen laissez fair ben ik gelovig opgevoed. Op basis van argumenten twijfelen aan een geloof voelde als “not done”. Geloven is toch iets zeker weten wat je niet zeker kan weten, dit doe je niet op argumenten? En als dat dan zo is, geloof ik dan wel echt? Zou het voor mij net als wellicht voor meer mensen niet gewoon aangeleerd gedrag zijn om te zeggen dat je gelooft. Jezelf kritisch deze vraag voor houden is nog niet zo gemakkelijk althans wanneer je een antwoord wilt. Eerlijk gezegd geloof ik dat ik niet weet wat echt tot in de diepste vezel geloven betekent. Uiteindelijk kwam ik tot het inzicht dat de kwestie rond geloof niet vraagt om een waardeoordeel in termen van waar, deels waar of onwaar. En door iets te betitelen als een creatie betekent dit niet dat het zijn waarde verliest. Stel dat dat zo was dan verloor alles zijn waarde. Voor mij zit de oplossing in de opvatting dat elk geloof waar is. De verschillende geloven zijn een verschillende wijze om naar hetzelfde te kijken. En datzelfde is voor mij “het alles”. Dit alles is het totaal van mens, materie, het stoffelijke, het onstoffelijke, kennis, het goede, het kwade, emoties, gedachten, de hemel, de hel, het verleden, het heden, de toekomst en alles wat ik vergeet te noemen. Dit alles bestaat in het kleinste deel uit hetzelfde en is van invloed op elkaar. Omdat alles nogal veel is hebben we filters nodig om hier als eenvoudige sterveling iets mee te kunnen, een geloof is zo'n een filter en een dressuur om juist datgene uit het alles te halen wat elk mens in het eindige of in het eeuwige nastreeft. Een symbool of een verpersoonlijking in een geloof maakt snel iets duidelijk wat anders een heleboel woorden zou kosten, is dus naast alles wat het mogelijk ook is, erg efficiënt. Alhoewel het voor een gelovige heel belangrijk kan zijn vind ik de verschillen tussen de geloven en de invulling met alles wat erbij hoort van de specifieke geloven niet wezenlijk relevant maar zeker wel nuttig, soms voor mezelf en hopelijk altijd voor de gelovige van een specifiek geloof. Het geloof dat alles van invloed is op elkaar maakt ook dat het uitmaakt wat je doet en omdat alles uit hetzelfde bestaat is alles wat je doet van invloed op jezelf. Eindigheid bestaat niet, alles wat is blijft, heeft verschillende verschijningsvormen en evolueert. Dit is wat ik gecreëerd heb en geloof van alles wat ik gelezen heb.
Bijzonder geïnspireerd ben ik door de filosofie van Jiddu Krishnamurti http://www.krishnamurti.nl/, de theorie van de kwantummechanica, de theorie van de zero point fields http://www.ode.nl/article.php?aID=3759 en het boek “de hele olifant in beeld” van Marja de Vries http://www.marjadevries.nl/deheleolifantinbeeld/recensies.php
Als ik in een paar one liners moet samenvatten welke inzichten mijn zelfstudie filosofie mij hebben gebracht dan zijn dat: dat geluk wordt gevonden in het moment, dat ik zeer weinig weet, dat ons intellect schril afsteekt tegen de kennis die is en weinig relatie heeft en dat wat wij als waarheid zien onze eigen creatie is. En op de laatste door te gaan; als we ergens last of profijt van hebben dan is de kans dat we dit zelf veroorzaakt hebben erg groot (maar m.i. niet 100%). Het bewustzijn dat alles creatie is (is ook een creatie) ontstond bij mij niet in één dag. Er zijn toch ook gewoon dingen die echt zo zijn? Of zijn de dingen die gewoon echt zo zijn zijn gewoon heel sterke creaties die vaak al eeuwen meegaan en diep in de genen meegaan van generatie op generatie? Eén van de punten wat ik in het licht van de theorie van zelfcreatie boeiend vond is geloof (protestants in mijn geval). Vanaf de kleuterschool is mij dit onderwezen als zijnde de waarheid en alhoewel in mijn ogen laissez fair ben ik gelovig opgevoed. Op basis van argumenten twijfelen aan een geloof voelde als “not done”. Geloven is toch iets zeker weten wat je niet zeker kan weten, dit doe je niet op argumenten? En als dat dan zo is, geloof ik dan wel echt? Zou het voor mij net als wellicht voor meer mensen niet gewoon aangeleerd gedrag zijn om te zeggen dat je gelooft. Jezelf kritisch deze vraag voor houden is nog niet zo gemakkelijk althans wanneer je een antwoord wilt. Eerlijk gezegd geloof ik dat ik niet weet wat echt tot in de diepste vezel geloven betekent. Uiteindelijk kwam ik tot het inzicht dat de kwestie rond geloof niet vraagt om een waardeoordeel in termen van waar, deels waar of onwaar. En door iets te betitelen als een creatie betekent dit niet dat het zijn waarde verliest. Stel dat dat zo was dan verloor alles zijn waarde. Voor mij zit de oplossing in de opvatting dat elk geloof waar is. De verschillende geloven zijn een verschillende wijze om naar hetzelfde te kijken. En datzelfde is voor mij “het alles”. Dit alles is het totaal van mens, materie, het stoffelijke, het onstoffelijke, kennis, het goede, het kwade, emoties, gedachten, de hemel, de hel, het verleden, het heden, de toekomst en alles wat ik vergeet te noemen. Dit alles bestaat in het kleinste deel uit hetzelfde en is van invloed op elkaar. Omdat alles nogal veel is hebben we filters nodig om hier als eenvoudige sterveling iets mee te kunnen, een geloof is zo'n een filter en een dressuur om juist datgene uit het alles te halen wat elk mens in het eindige of in het eeuwige nastreeft. Een symbool of een verpersoonlijking in een geloof maakt snel iets duidelijk wat anders een heleboel woorden zou kosten, is dus naast alles wat het mogelijk ook is, erg efficiënt. Alhoewel het voor een gelovige heel belangrijk kan zijn vind ik de verschillen tussen de geloven en de invulling met alles wat erbij hoort van de specifieke geloven niet wezenlijk relevant maar zeker wel nuttig, soms voor mezelf en hopelijk altijd voor de gelovige van een specifiek geloof. Het geloof dat alles van invloed is op elkaar maakt ook dat het uitmaakt wat je doet en omdat alles uit hetzelfde bestaat is alles wat je doet van invloed op jezelf. Eindigheid bestaat niet, alles wat is blijft, heeft verschillende verschijningsvormen en evolueert. Dit is wat ik gecreëerd heb en geloof van alles wat ik gelezen heb.
Bijzonder geïnspireerd ben ik door de filosofie van Jiddu Krishnamurti http://www.krishnamurti.nl/, de theorie van de kwantummechanica, de theorie van de zero point fields http://www.ode.nl/article.php?aID=3759 en het boek “de hele olifant in beeld” van Marja de Vries http://www.marjadevries.nl/deheleolifantinbeeld/recensies.php
Labels:
filosofie,
filters,
geloof,
krishnamurti,
kwantummechanica,
marjadevries.nl,
ode.nl,
religie,
zero point fields
donderdag 13 maart 2008
Mondialisering (Globalisering)
Mondialisering ervaar ik als één van de dominante thema’s van deze tijd. Tegelijkertijd vraag ik mij ook af waarom dit juist nu zo is. Zolang er sprake is van economische ontwikkeling is er ook sprake van schaalvergroting, specialisatie en het overschrijden van lokale, regionale en nationale grenzen. En nu er dan zoveel nationale grenzen zijn overschreden dat bijna alle landen van de wereld zaken met elkaar doen noemen we het mondialisering.
Ik kan me voorstellen dat een continue ontwikkeling op enig moment meer aandacht krijgt als deze meer effect begint te krijgen voor iedereen of grote delen van de maatschappij. Zeker als dit effect negatief is of als zodanig ervaren wordt. Dit laatste vooral lijkt de basis te zijn voor de huidige aandacht voor mondialisering. Angst voor het verdwijnen van werk en negatieve effecten op het milieu. Nu is het zo dat ik juist op deze punten optimistisch ben nog even los van het feit of deze punten een 1 op 1 relatie kennen tot mondialisering. Want ook zonder mondialisering kan het aantal banen in een land dalen of juist stijgen en ook zonder mondialisering kan de kwaliteit van milieu toe of afnemen door economische ontwikkeling.
Mijn optimisme over werkgelegenheid komt voort uit een aantal zaken. De welvaart van de oude westerse economische machten heeft zich gedurende de toenemende mondialisering van de laatste decennia overwegend positief ontwikkeld ondanks het feit dat er op elk moment de opinie was dat het werk zou verdwijnen naar Spanje, Japan, Polen en nu India en China. Deze angst wordt niet ondersteund door de daadwerkelijke ontwikkelingen. In Nederland is (los van nogal altijd omvangrijke verborgen werkeloosheid) het aantal werkzoekende het laatste decennium historisch laag. Terwijl in ditzelfde decennium grootmachten als China en India zich volop op het economische strijdtoneel hebben gevestigd. Mogelijk gaan we mee in angstscenario’s vanuit het idee dat de burgers in deze landen alleen maar werken om hun economie te ontwikkelen, om sober te blijven leven en het verdiende geld op de spaarrekening te zetten. Niks is minder waar. Overal waar mensen meer financiële armslag krijgen wordt dit uit gegeven aan producten die wij ook willen kopen en daar horen ook of juist producten bij die wij produceren. Ook het feit dat er zoveel arbeidspotentieel is in China en India zie ik eerder in ons voordeel als nadeel als het gaat om werkgelegenheid. Stel toch dat 70% van deze mensen dezelfde armslag krijgen als een burger in Nederland. Ik voorzie eerder vraagstukken over hoe we onze economische groei als gevolg hiervan kunnen afremmen. De sterke groei van de nieuwe grootmachten is vooral gebaseerd op kostenvoordelen van arbeid. Deze kostenvoordelen verdwijnen echter relatief snel, in Japan verdient men meer dan in de meeste oude economische grootmachten en ook een land als Spanje doet niet meer wezenlijk onder qua loonkosten voor Nederland. Ik denk ook dat onze welvaart op dit niveau is dankzij en niet ondanks globalisering. Onze bestedingsniveau vaart wel bij dalende prijzen van elektronica en kleding uit de landen die als bedreigend worden gezien. Als we deze producten met onze loonkosten moeten produceren en kopen zijn we er flink soberder aan toe dan nu.
Mijn optimisme over het milieu. Als we het milieu op dit moment als een probleem beschouwen dan is de eerste reflex om hier oplossingen voor te zoeken. Gelukkig zijn er plenty oplossingen maar is het tempo waar mee deze toegepast worden niet zodanig dat dit recht doet aan ons beeld van de urgentie van het probleem. Dit komt omdat problemen niet alleen een oplossing nodig hebben maar vooral een intrinsiek ervaren belang van de deelhebbers in het probleem om het daadwerkelijk op te lossen. Dit belang wordt groter dan ooit als gevolg van mondialisering omdat het contrast tussen de astronomische vraag van de consument en de schaarste aan grondstoffen groter is dan ooit. De discussie over alternatieve brandstoffen en andere sterk in prijsstijgende grondstoffen overheerst de media. Uiteindelijk zal dit contrast en de financiële effecten ervan (en niet onze zorg voor het milieu) leiden tot alternatieven die meer in harmonie zijn met wat de aarde kan leveren omdat het niet logisch is dat we op alternatieven overstappen waar op voorhand al bekend van is dat deze snel uitgeput raken of schadelijk zijn voor het milieu. Het laatste zal de consument door middel van haar wetgevende overheden niet meer accepteren. De consument in Europa krijgt invloed op de producenten in China en andersom. De consument wil een milieuvriendelijk product kopen tegen een gunstige prijs en de producent die wil overleven en concurrentievoordeel wil hebben gaat dit leveren. De toegenomen communicatiemogelijkheden zullen er voor zorgen dat consument en producent rechtstreekse gesprekspartners worden. Het contrast tussen de vraag van de consument in de relatie tot de schaarste van grondstoffen zal leiden tot de keuze van verschillende (regionale) alternatieven. De vraag van de consument zal niet overal opgelost worden met dezelfde grondstof en niet elke consument zal in dezelfde hoeveelheden over een bepaald product kunnen beschikken. Dat is niet anders dan nu alleen wordt de rijkdom beter over de wereld verspreidt. Het belang om duurzame producten te produceren zal toenemen en de consument zal deels door de omstandigheden genoegen nemen met minder producten die langer meegaan en maximaal bijdragen aan levensgeluk. Het bewustzijn zal gaan ontstaan dat minder producten geen verlies is en het aanschafvermaak zal vervangen worden door ander vermaak.
Ik kan me voorstellen dat een continue ontwikkeling op enig moment meer aandacht krijgt als deze meer effect begint te krijgen voor iedereen of grote delen van de maatschappij. Zeker als dit effect negatief is of als zodanig ervaren wordt. Dit laatste vooral lijkt de basis te zijn voor de huidige aandacht voor mondialisering. Angst voor het verdwijnen van werk en negatieve effecten op het milieu. Nu is het zo dat ik juist op deze punten optimistisch ben nog even los van het feit of deze punten een 1 op 1 relatie kennen tot mondialisering. Want ook zonder mondialisering kan het aantal banen in een land dalen of juist stijgen en ook zonder mondialisering kan de kwaliteit van milieu toe of afnemen door economische ontwikkeling.
Mijn optimisme over werkgelegenheid komt voort uit een aantal zaken. De welvaart van de oude westerse economische machten heeft zich gedurende de toenemende mondialisering van de laatste decennia overwegend positief ontwikkeld ondanks het feit dat er op elk moment de opinie was dat het werk zou verdwijnen naar Spanje, Japan, Polen en nu India en China. Deze angst wordt niet ondersteund door de daadwerkelijke ontwikkelingen. In Nederland is (los van nogal altijd omvangrijke verborgen werkeloosheid) het aantal werkzoekende het laatste decennium historisch laag. Terwijl in ditzelfde decennium grootmachten als China en India zich volop op het economische strijdtoneel hebben gevestigd. Mogelijk gaan we mee in angstscenario’s vanuit het idee dat de burgers in deze landen alleen maar werken om hun economie te ontwikkelen, om sober te blijven leven en het verdiende geld op de spaarrekening te zetten. Niks is minder waar. Overal waar mensen meer financiële armslag krijgen wordt dit uit gegeven aan producten die wij ook willen kopen en daar horen ook of juist producten bij die wij produceren. Ook het feit dat er zoveel arbeidspotentieel is in China en India zie ik eerder in ons voordeel als nadeel als het gaat om werkgelegenheid. Stel toch dat 70% van deze mensen dezelfde armslag krijgen als een burger in Nederland. Ik voorzie eerder vraagstukken over hoe we onze economische groei als gevolg hiervan kunnen afremmen. De sterke groei van de nieuwe grootmachten is vooral gebaseerd op kostenvoordelen van arbeid. Deze kostenvoordelen verdwijnen echter relatief snel, in Japan verdient men meer dan in de meeste oude economische grootmachten en ook een land als Spanje doet niet meer wezenlijk onder qua loonkosten voor Nederland. Ik denk ook dat onze welvaart op dit niveau is dankzij en niet ondanks globalisering. Onze bestedingsniveau vaart wel bij dalende prijzen van elektronica en kleding uit de landen die als bedreigend worden gezien. Als we deze producten met onze loonkosten moeten produceren en kopen zijn we er flink soberder aan toe dan nu.
Mijn optimisme over het milieu. Als we het milieu op dit moment als een probleem beschouwen dan is de eerste reflex om hier oplossingen voor te zoeken. Gelukkig zijn er plenty oplossingen maar is het tempo waar mee deze toegepast worden niet zodanig dat dit recht doet aan ons beeld van de urgentie van het probleem. Dit komt omdat problemen niet alleen een oplossing nodig hebben maar vooral een intrinsiek ervaren belang van de deelhebbers in het probleem om het daadwerkelijk op te lossen. Dit belang wordt groter dan ooit als gevolg van mondialisering omdat het contrast tussen de astronomische vraag van de consument en de schaarste aan grondstoffen groter is dan ooit. De discussie over alternatieve brandstoffen en andere sterk in prijsstijgende grondstoffen overheerst de media. Uiteindelijk zal dit contrast en de financiële effecten ervan (en niet onze zorg voor het milieu) leiden tot alternatieven die meer in harmonie zijn met wat de aarde kan leveren omdat het niet logisch is dat we op alternatieven overstappen waar op voorhand al bekend van is dat deze snel uitgeput raken of schadelijk zijn voor het milieu. Het laatste zal de consument door middel van haar wetgevende overheden niet meer accepteren. De consument in Europa krijgt invloed op de producenten in China en andersom. De consument wil een milieuvriendelijk product kopen tegen een gunstige prijs en de producent die wil overleven en concurrentievoordeel wil hebben gaat dit leveren. De toegenomen communicatiemogelijkheden zullen er voor zorgen dat consument en producent rechtstreekse gesprekspartners worden. Het contrast tussen de vraag van de consument in de relatie tot de schaarste van grondstoffen zal leiden tot de keuze van verschillende (regionale) alternatieven. De vraag van de consument zal niet overal opgelost worden met dezelfde grondstof en niet elke consument zal in dezelfde hoeveelheden over een bepaald product kunnen beschikken. Dat is niet anders dan nu alleen wordt de rijkdom beter over de wereld verspreidt. Het belang om duurzame producten te produceren zal toenemen en de consument zal deels door de omstandigheden genoegen nemen met minder producten die langer meegaan en maximaal bijdragen aan levensgeluk. Het bewustzijn zal gaan ontstaan dat minder producten geen verlies is en het aanschafvermaak zal vervangen worden door ander vermaak.
Labels:
china,
duurzaamheid,
economie,
globalisering,
grondstoffen,
india,
milieu,
moondialisering
donderdag 6 maart 2008
Uitzicht wordt bepaald door de plek waar je staat
Het uitzicht wordt bepaald door de plek waar je staat kwam mij in gedachten toen ik nadacht over verandering. De plek waar je staat is de stip in het midden van een cirkel. De cirkel is je denk- en bewustzijnskader. De cirkel is gevormd door een stippellijn omdat het geen absolute grens betreft en tegelijkertijd toch beperkt is. Ik vermoed dat slechts weiningen een totaal beeld hebben van de werkelijkheid.
Wanneer we denken over verandering dan beschouw ik deze verandering als een andere stip ergens in of buiten deze cirkel. Het denken over deze verandering is per definitie beperkt omdat de huidige positie en de inhoud van de cirkel het gezichtsveld ten aanzien van de verandering of toekomstige positie beperkt. Nemen we de nieuwe positie in dan zal deze het centrum gaan vormen van een nieuwe cirkel, er ontstaat een nieuw uitzicht gebaseerd op ervaring welke dimensies kent die niet vanuit het beperkte kader (de oude cirkel) en de oude positie te zien of te bedenken zijn. Twijfel daarom gezond aan de eigen ratio en het algemeen overdreven nut hiervan als het gaat om nemen van beslissingen ten aanzien van veranderingen op welke vlak dan ook. Laat de ratio alleen van nut zijn door de verandering te realiseren die het gevoel ingeeft in plaats van het bedenken van achteraf gezien niet valide argumenten om niet te veranderen . Ik associeer gevoel met weten en denken met een poging tot weten (hier over later meer).
Wanneer we denken over verandering dan beschouw ik deze verandering als een andere stip ergens in of buiten deze cirkel. Het denken over deze verandering is per definitie beperkt omdat de huidige positie en de inhoud van de cirkel het gezichtsveld ten aanzien van de verandering of toekomstige positie beperkt. Nemen we de nieuwe positie in dan zal deze het centrum gaan vormen van een nieuwe cirkel, er ontstaat een nieuw uitzicht gebaseerd op ervaring welke dimensies kent die niet vanuit het beperkte kader (de oude cirkel) en de oude positie te zien of te bedenken zijn. Twijfel daarom gezond aan de eigen ratio en het algemeen overdreven nut hiervan als het gaat om nemen van beslissingen ten aanzien van veranderingen op welke vlak dan ook. Laat de ratio alleen van nut zijn door de verandering te realiseren die het gevoel ingeeft in plaats van het bedenken van achteraf gezien niet valide argumenten om niet te veranderen . Ik associeer gevoel met weten en denken met een poging tot weten (hier over later meer).
Bij het onstaan van de nieuwe cirkel wordt de oude cirkel ontdaan van balast en de ruimte ervan hieraan toegevoegd.
Moeilijke vragen
Mijn zoon Max (7) en ik heb de gewoonte elkaar bij wijze van tijdverdrijf regelmatig moeilijke vragen te stellen. Van veel vragen hebben we vastgesteld dat er geen absolute antwoorden te vinden zijn maar dat je hier vooral een mening over kan hebben. Maar nu wil het geluk dat Max in de wereld van relativiteit een absoluut antwoord heeft gevonden op de tot op heden als moeilijke beschouwde vraag;
"waarom zijn er eigenlijk mensen",
het antwoord luidt
"omdat het anders niet gezellig is"
Daarnaast is het nog van belang om te weten dat Max erg goed kan knikkeren en korfballen!
"waarom zijn er eigenlijk mensen",
het antwoord luidt
"omdat het anders niet gezellig is"
Daarnaast is het nog van belang om te weten dat Max erg goed kan knikkeren en korfballen!
maandag 15 oktober 2007
Hoe dat zit met Kunst
Vaak heb ik nagedacht over hoe het kan dat iets je iets doet, kunst. Nu vind ik kunst synoniem voor iets in tastbare zin wat je iets doet. Er zijn natuurlijk veel dingen die kunst worden genoemd die mij niks doen. Kunst in zijn algemene en publieke zin is iets dat veel mensen iets doet. Het intrigerende met kunst of dingen die je iets doen is dat het vaak nauwelijks te benoemen is wat je raakt gecombineerd met het feit dat wij mij niet raakt een ander juist wel kan raken.
De belangrijkste punten van mijn persoonlijke filosofie zijn dat dat het ware geluk gevonden wordt in het moment en dat alles en iedereen bestaat uit dezelfde energie en elkaar beïnvloed.
Kunst is emotie die vastgelegd is in iets tastbaars. De aanschouwer van de kunst voelt de emotie van de kunstenaar. Als kunst je raakt dan snap je de emotie van de kunstenaar, raakt het je niet dan snap je de emotie niet. Begrijpen van de emotie heeft te maken met de mate waarin je de emotie herkent als één van jezelf en de moeite die je wilt nemen om te begrijpen wat je niet direct begrijpt. Het ervaren van emotie zie ik als een van de hoogste geneugten van de mens. Door het ervaren van emotie wordt het pad van de mentale creatie verlaten, je denkt niet meer na over hoe het was of over hoe het moet zijn, je bent terug in het moment en bij wie je werkelijk bent. De functie van kunst is evident “het triggered emotie”. De kunstenaar is in staat zijn emotie te delen.
In de wereld waar de wetenschap overheerst en alles logisch moet zijn, zijn we het beleven van emotie grotendeels verleerd. Er zijn plenty redenen waarom het elk op moment niet gewenst is emotie te tonen of te beleven. Een boeiend fenomeen wat hiermee m.i. samenhangt is het zgn “stendhal-syndroom” . Dit syndroom doet zich voor als mensen overrompeld worden door kunst. (http://nl.wikipedia.org/wiki/Stendhal-syndroom)
De belangrijkste punten van mijn persoonlijke filosofie zijn dat dat het ware geluk gevonden wordt in het moment en dat alles en iedereen bestaat uit dezelfde energie en elkaar beïnvloed.
Kunst is emotie die vastgelegd is in iets tastbaars. De aanschouwer van de kunst voelt de emotie van de kunstenaar. Als kunst je raakt dan snap je de emotie van de kunstenaar, raakt het je niet dan snap je de emotie niet. Begrijpen van de emotie heeft te maken met de mate waarin je de emotie herkent als één van jezelf en de moeite die je wilt nemen om te begrijpen wat je niet direct begrijpt. Het ervaren van emotie zie ik als een van de hoogste geneugten van de mens. Door het ervaren van emotie wordt het pad van de mentale creatie verlaten, je denkt niet meer na over hoe het was of over hoe het moet zijn, je bent terug in het moment en bij wie je werkelijk bent. De functie van kunst is evident “het triggered emotie”. De kunstenaar is in staat zijn emotie te delen.
In de wereld waar de wetenschap overheerst en alles logisch moet zijn, zijn we het beleven van emotie grotendeels verleerd. Er zijn plenty redenen waarom het elk op moment niet gewenst is emotie te tonen of te beleven. Een boeiend fenomeen wat hiermee m.i. samenhangt is het zgn “stendhal-syndroom” . Dit syndroom doet zich voor als mensen overrompeld worden door kunst. (http://nl.wikipedia.org/wiki/Stendhal-syndroom)
Labels:
emotie,
kunst,
stendhal-syndroom,
wikipedia
woensdag 10 oktober 2007
Calvinisme, middelmatig management en files
Ik nader de Randstad met afnemend tempo, de wegen stromen vol met mensen die de huiselijke woonkamer voor 8 uren exclusief zo’n 2 tot 3 uur reistijd verruilen voor de kantoorkamer. Als sociaal wezen dat graag luistert naar wat andere mensen te vertellen hebben is bij mij door de jaren heen de indruk ontstaan dat niemand graag in de file staat. Verloren tijd die besteed had kunnen worden aan meer nuttige zaken. Het reservoir aan collectief verspilde uren (miljoenen mensen keer 2 tot 3 uren per dag) is van die omvang dat het oplossen van dit probleem als een hefboom kan worden gezien voor het oplossen van andere maatschappelijke en economische problemen. Een wezenlijk element in het oplossen van deze problemen is tijd. De beroepsbevolking heeft te maken met collectieve vermoeidheid, te weinig tijd voor de medemens en zichzelf. Door de vergrijzing en groeiende economie is ze steeds schaarser. Wat te denken van de milieubesparing van alle auto’s die niet zouden staan te roken in de file.
Waarom verspillen we dan toch zo gruwelijk veel tijd met zijn allen in de file? Wat is de noodzaak dat we elke dag met zijn allen op zo ongeveer hetzelfde moment op kantoor zijn? Deze moet groot zijn omdat we er veel voor moeten laten. De kamer waarin we werken is niet wezenlijk anders dan een werkkamer thuis met een computer en telefoon. De vergaderingen kunnen het niet zijn want deze zijn voor 75% nutteloos, toch? Willen we dan echt zo graag elke dag onze collegae zien, ik geloof het niet. Natuurlijk zijn er genoeg dooddoeners die zeggen dat de mensen van elkaar vervreemden als de beroepsbevolking collectief gaat thuiswerken. Klopt maar niemand zegt dan ook dat je altijd thuis zou moeten werken, het file probleem is opgelost als de helft van de beroepsbevolking dit afwisselend 2 of 3 dagen per week doet. Al met al kan ik geen probleem bedenken waar geen realistische oplossing voor is te vinden. We moeten de oorzaak van het instandhouden van dit probleem dan toch zoeken in ons onvermogen om kritisch na te denken over de vraag waarom we onze tijd aan zaken besteden die we vervelend en onnodig vinden en daarnaast ook nog schadelijk zijn. Mogelijk willen we wel kritisch nadenken maar het heeft ronduit weinig zin omdat ons Calvinistisch schuldgevoel ons toch naar ons kantoren blijft leiden om vooral zichtbaar (in het zweet des aanschijns zult gij uw brood verdienen) druk te zijn en de toegevoegde waarde te leveren waar velen al jaren naar op zoek zijn. Dit in combinatie met het vaak nutteloos fenomeen in organisaties “de manager” die onbewust zo erg aan zijn eigen toegevoegde waarde twijfelt dat deze toch vooral zijn medewerkers op de gang wil hebben om zichzelf bevestigd te zien in zijn rol. Het mag duidelijk zijn dat wanneer medewerkers uitsluitend op resultaat worden gestuurd er nog bijzonder weinig aanleiding is om te sturen op aanwezigheid op een bepaalde locatie op een bepaalde tijd. En de dooddoeners: ja er zijn situaties waarin je niet op output kan sturen. Ja klopt die zijn er ook hoor, er zijn altijd uitzonderingen te bedenken!
De echte oplossing is simpel, Calvijn is al lange tijd niet meer onder ons dus laten we onze, deels op zijn gedachten geïnspireerde, schuldgevoelens maar varen. Ga op de bank liggen als je niks hebt te doen, haal je kinderen op van school, werk je thuis helemaal lens achter je computer en op kantoor tot diep in de nacht wanneer dit nodig is maar sluit niet elke ochtend zomaar aan in de rij. De nutteloze manager kan vrolijk weer ingezet worden in het primaire proces van bedrijf en overheid, daar waar de schaarste is en daar waar het geld wordt verdiend. Het voorkomt dat ze nutteloze eisen stellen aan andere mensen die hier mee bezig zijn.
Waarom verspillen we dan toch zo gruwelijk veel tijd met zijn allen in de file? Wat is de noodzaak dat we elke dag met zijn allen op zo ongeveer hetzelfde moment op kantoor zijn? Deze moet groot zijn omdat we er veel voor moeten laten. De kamer waarin we werken is niet wezenlijk anders dan een werkkamer thuis met een computer en telefoon. De vergaderingen kunnen het niet zijn want deze zijn voor 75% nutteloos, toch? Willen we dan echt zo graag elke dag onze collegae zien, ik geloof het niet. Natuurlijk zijn er genoeg dooddoeners die zeggen dat de mensen van elkaar vervreemden als de beroepsbevolking collectief gaat thuiswerken. Klopt maar niemand zegt dan ook dat je altijd thuis zou moeten werken, het file probleem is opgelost als de helft van de beroepsbevolking dit afwisselend 2 of 3 dagen per week doet. Al met al kan ik geen probleem bedenken waar geen realistische oplossing voor is te vinden. We moeten de oorzaak van het instandhouden van dit probleem dan toch zoeken in ons onvermogen om kritisch na te denken over de vraag waarom we onze tijd aan zaken besteden die we vervelend en onnodig vinden en daarnaast ook nog schadelijk zijn. Mogelijk willen we wel kritisch nadenken maar het heeft ronduit weinig zin omdat ons Calvinistisch schuldgevoel ons toch naar ons kantoren blijft leiden om vooral zichtbaar (in het zweet des aanschijns zult gij uw brood verdienen) druk te zijn en de toegevoegde waarde te leveren waar velen al jaren naar op zoek zijn. Dit in combinatie met het vaak nutteloos fenomeen in organisaties “de manager” die onbewust zo erg aan zijn eigen toegevoegde waarde twijfelt dat deze toch vooral zijn medewerkers op de gang wil hebben om zichzelf bevestigd te zien in zijn rol. Het mag duidelijk zijn dat wanneer medewerkers uitsluitend op resultaat worden gestuurd er nog bijzonder weinig aanleiding is om te sturen op aanwezigheid op een bepaalde locatie op een bepaalde tijd. En de dooddoeners: ja er zijn situaties waarin je niet op output kan sturen. Ja klopt die zijn er ook hoor, er zijn altijd uitzonderingen te bedenken!
De echte oplossing is simpel, Calvijn is al lange tijd niet meer onder ons dus laten we onze, deels op zijn gedachten geïnspireerde, schuldgevoelens maar varen. Ga op de bank liggen als je niks hebt te doen, haal je kinderen op van school, werk je thuis helemaal lens achter je computer en op kantoor tot diep in de nacht wanneer dit nodig is maar sluit niet elke ochtend zomaar aan in de rij. De nutteloze manager kan vrolijk weer ingezet worden in het primaire proces van bedrijf en overheid, daar waar de schaarste is en daar waar het geld wordt verdiend. Het voorkomt dat ze nutteloze eisen stellen aan andere mensen die hier mee bezig zijn.
Abonneren op:
Berichten (Atom)